Eventrecorder

Wanneer de hartritmestoornissen zelden voorkomen, kunnen ze niet altijd geregistreerd worden door een holter. In plaats daarvan kan er gebruik gemaakt worden van een event-recorder, dat werkt naar analogie van een holter. Een event-recorder wordt met 3 klevers en electrodes op de huid bevestigd. Wanneer de patiënt een ritmestoornis voelt, kan er op een knop op het toestel gedrukt worden zodat er op dat moment een ritmeregistratie gebeurt. De patiënt is dus zelf verantwoordelijk voor de registratie van zijn hartritme.

 

Net als bij een holter dient er een afspraak gemaakt te worden om het toestel aan te hangen. Indien nodig kan u dit toestel wel uitdoen, bijvoorbeeld voor het nemen van een douche. U krijgt op voorhand een duidelijke uitleg over de werking van het toestel en hoe u het moet aanhangen. Als u thuis een ritmestoornis wilt registreren, is het belangijk om stil te staan en niet te spreken. Op deze manier bekomen we een beter beeld van uw hartritme.

 

Doorgaans worden deze toestellen gedurende 3 weken meegegeven met de patiënt. Na deze periode brengt u het terug naar het ziekenhuis. De cardioloog zal uw resultaten uitvoerig bekijken en bespreekt deze nadien met u op raadpleging.