Nazorg

Na het onderzoek wordt u door een verpleegkundige terug naar uw kamer of de lounge gebracht. De eerste uren na het onderzoek worden gecontroleerd:

  • polsslag
  • bloeddruk
  • het verband op nabloeden
  • de zwelling ter hoogte van de prikplaats
  • de temperatuur, kleur en zwelling van been of onderarm

 

Zodra u iets abnormaal voelt (pijn in het been of de arm, pijn op de borst, zwelling, bloeding), verwittigt u best onmiddellijk de verpleegkundige. Na het onderzoek mag u in principe dadelijk eten en moet u veel drinken. Drink 1 tot 2 liter water om de nieren te spoelen. Dit bevordert de snelle uitscheiding van de contraststof die tijdens het onderzoek werd ingespoten.

 

Wanneer het onderzoek via de pols heeft plaatsgevonden, kan u de dag zelf nog naar huis. Dit alles is onder voorbehoud van een vlotte procedure. Indien er werd aangeprikt in de lies dient u voor één nacht te verblijven in het ziekenhuis.

 

Indien u aangeprikt bent in de lies zal u één uurtje voor het ontslag even mogen rondlopen in de kamer. Hierbij moet u erop letten dat u het been met de aangeprikte lies niet belast. Verpleegkundige zal het drukverband verwijderen, punctieplaats reinigen en een verband aanbrengen. U wordt best met een rolstoel vervoerd tot aan uw wagen.

 

Er geldt een rijverbod van 48 uur bij het ondergaan van een hartkatheterisatie. Bij een stentplaatsing geldt dit rijverbod tot controle afspraak bij de cardioloog.

 

Aandachtspunten pols

  • Aangeprikte pols gedurende 24 uur niet gebruiken
  • Gedurende één week geen zware lasten heffen met deze pols
  • Pols gedurende één week niet weken in water (douchen kan wel)

 

Aandachtspunten lies

  • Til geen zware lasten
  • Fiets niet
  • Neem geen warm bad (douchen mag wel)
  • Pers niet bij toiletbezoek (zorg voor een vlotte stoelgang)
  • Bij het nemen van de trap, plaats eerst het goede been, schuif daarna het been waarin geprikt werd.